GEVAT software beschrijving
Het programma GEVAT betreft een basistraining in Professionele Gespreksvoering. In dit programma leren cursisten een hulpverleningsgesprek met een cliënt te voeren, waarbij het accent ligt op verheldering van diens probleem. Het programma bevat trainingsonderdelen voor verschillende elementaire gespreksvaardigheden zoals samenvatten, vragen stellen en parafraseren. Daarbij wordt gebruik gemaakt van theorie, voorbeeldfragmenten, observatie- en andere opdrachten om droog te oefenen met de verschillende vaardigheden. De cursisten ontvangen in Gevat feedback op de uitvoering van de opdrachten. Doelgroep
Het programma is ontwikkeld door de Opleiding Psychologie, Rijksuniversiteit Groningen. De inhoud is toegesneden op hulpverleningssituaties en is uitermate geschikt voor universitaire en hoger beroepsopleidingen in de sociale wetenschappen, opleidingen gericht op de gezondheidszorg (gezondheidskunde, geneeskunde, verpleegkunde) en meer op de arbeid toegespitste opleidingen (bedrijfskunde, personeelswetenschappen). In de praktijk blijkt overigens dat ook andere opleidingen in de learned professions belangstelling hebben voor het materiaal (zoals bijvoorbeeld rechten), omdat de basisgespreksvaardigheden universeel zijn voor professionele gesprekken. Daarnaast is het programma zeer geschikt voor adviesbureaus, die zich richten op communicatietraining.Opbouw van het GEVAT programma
In GEVAT kan de cursist voor elke gespreksvaardigheid uit een beginmenu kiezen voor een stukje theorie, een videofragment of een ondersteunende opdracht. Er is voor gekozen het programma sturend en gestructureerd te houden.Theorie
Het programma bevat voor elke vaardigheid een beknopt overzicht van de onderliggende theorie. Dit theoriegedeelte is gebaseerd op Lang en Van der Molen (1998) Psychologische Gespreksvoering. Ter verdieping is het zinvol het programma in combinatie met het boek te gebruiken.Videofragmenten in GEVAT
De videofragmenten bestaan uit een voorbeeldfragment waarin vaardigheden op ineffectieve wijze worden gebruikt en een voorbeeldfragment van effectief gebruik van vaardigheden. Aan de videofragmenten werden gestructureerde observatieopdrachten gekoppeld. Omdat videomateriaal door de combinatie van beeld en geluid eenvoudiger te verwerken is dan geschreven tekst of informatie via de computer, bestaat het gevaar dat mensen minder aandacht besteden aan informatie die via dit medium wordt aangeboden hetgeen een negatief effect heeft op de leerprestaties. Het blijkt echter dat instructie van studenten van invloed is op de hoeveelheid mentale inspanning die zij verrichten. In het programma wordt de aandacht op de video gericht oor studenten de videofragmenten systematisch te laten nabespreken aan de hand van een aantal vragen. Na een slecht voorbeeld van een gesprek waarin de vaardigheid 'samenvatten' centraal staat moeten de studenten bijvoorbeeld voor elke samenvatting aangeven wat ze slecht vinden en wat hun eigen samenvatting zou zijn. De student kan het videofragment op elk gewenst moment stopzetten en in een transcript van het gesprek zijn opmerkingen over het gesprek intypen.
Opdrachten
In het programma worden concrete opdrachten aangeboden die vaak gekoppeld zijn aan videofragmenten. Zo wordt er veel gewerkt met videovignetten, waarbij cursisten, gebruik makend van een bepaalde vaardigheid, moeten reageren op hetgeen een op video opgenomen persoon tegen hen zegt. Ook hierbij ontvangt de cursist feedback van het programma in de vorm van een aantal juiste reacties en een toelichting op veel gemaakte fouten.Toepassing
Het programma is door cursisten zelfstandig of in tweetallen te doorlopen. Het werken met het programma kan in principe in afwezigheid van een docent plaatsvinden. De ervaring leert dat cursisten het prettig vinden om het programma in samenwerking met een medecursist te doorlopen. Het overleg met anderen heeft een stimulerende werking en leidt tot discussie. Het effect van het programma is vermoedelijk het grootst, wanneer het in combinatie met groepsbijeenkomsten waarin cursisten in rollenspelen de aangeleerde vaardigheden oefenen wordt aangeboden (zie bijv. Van der Zee, Lang & Adema, 1997).GEVAT uitgangspunten
In de training wordt gewerkt vanuit twee onderwijskundige principes. Het eerste principe betreft modeling ofwel imitatieleren. Dit principe staat centraal in de sociaal leertheorie van Bandura (1986). Bandura accentueert dat veel menselijk gedrag geleerd wordt door gedragingen van anderen te observeren en te imiteren.Het programma werkt met video-opnamen van de aan te leren vaardigheden en de cursist kan droogoefenen met de verschillende vaardigheden. Het idee is dat voor het leren beheersen van vaardigheden ook het in vivo oefenen van vaardigheden in rollenspelen van belang is. Dat onderdeel valt buiten het bestek van het programma. Om het aangeleerde gedrag in stand te houden is het vervolgens van belang dat dit gedrag bekrachtigd wordt. In het programma ontvangen cursisten intensieve feedback op de uitvoering van de opdrachten.
Tenslotte stelt Bandura dat het voor imitatieleren van belang is een cognitief kader te creeren van waaruit de leerstof geïnterpreteerd kan worden. In het programma wordt dan ook aandacht besteed aan het leren benoemen van gespreksvaardigheden en in bredere zin aan theorie op het gebied van gespreksvaardigheden. Kennis over vaardigheden maakt dat de cursist vervolgens gedrag in videovoorbeelden en in praktische oefensituaties kan herkennen, benoemen en beoordelen. Daarnaast wordt gewerkt volgens de microcounselingsmethode van Ivey (1971). In deze methode wordt complex sociaal gedrag aangeleerd via afzonderlijke vaardigheden.
Uw eigen GEVAT!!!
Het is nu mogelijk met de speciale onderhoudsmodule uw eigen structuur, videofragmenten en teksten in te voeren in het programma. Indien u interesse heeft, neemt u dan gerust contact op met ons.
Bestellen
Voor bestellingen, kijk s.v.p. op de Prices and Ordering Page